Padwerk: Eigenzinnigheid, trots en angst
Leestijd: 10 min
QuoteCheck: Eigenzinnigheid, trots en angst
Elke quote uit deze tekst komt uit lezing 197 - Energie en bewustzijn in misvorming: kwaad
In onze benadering van zelfontwikkeling vinden we telkens weer dat trots, eigenzinnigheid en angst de fundamentele triade van het kwaad is. We zien hoe al het overige binnen deze triade valt. Elk van deze drie houdingen (die altijd onderling verbonden zijn) is een gevolg van weerstand en kweekt verdere weerstand - of kwaad.
Eigenzinnigheid
Eigenzinnigheid zegt: âIk verzet me tegen iedere manier behalve de mijneâ en âde mijneâ is zo dikwijls tegen het leven, tegen God. Eigenzinnigheid biedt weerstand aan waarheid, liefde en eenheid, ook al wil je die schijnbaar wel. Maar op het moment waarop verkramping van de weerstand, van de eigenzinnigheid er is, worden de goddelijke aspecten in hun uitingen belemmerd.
Deze passage behandelt een van de meest hardnekkige trekjes van het menselijk ego (het lagere zelf): eigenzinnigheid (vaak ook self-will of eigen wil genoemd in het Padwerk). Het legt uit hoe onze dwingende behoefte aan controle ons afsnijdt van precies datgene wat we het liefste willen.
We kunnen de tekst als volgt ontleden:
1. De illusie van controle: "Alleen op mijn manier"
Eigenzinnigheid is de krampachtige houding van het ego dat eist dat het leven precies volgens zijn eigen regeltjes en verwachtingen verloopt. Het zegt eigenlijk: "Ik accepteer de werkelijkheid alleen als het op mĂjn voorwaarden gebeurt." De tekst wijst erop dat deze starre 'mijn manier' heel vaak ingaat tegen de natuurlijke stroom van het leven (wat de lezing 'God' of de universele waarheid noemt). Het ego denkt het beter te weten dan de intelligentie van het leven zelf.
2. De pijnlijke paradox: Willen wat je tegelijkertijd afwijst
Aan de oppervlakte verlang je waarschijnlijk oprecht naar liefde, eenheid en verbinding. Maar eigenzinnigheid stelt daar verborgen eisen aan: "Ik wil liefde, maar alleen als die persoon zich precies zo gedraagt als ik wil" of "Ik wil gelukkig zijn, maar alleen als ik deze specifieke baan of situatie krijg." Door deze starre voorwaarden te stellen, bied je onbewust weerstand aan de liefde of de waarheid als die zich in een andere vorm aandient dan jij had bedacht. Je blokkeert dus de liefde die je zoekt, puur omdat het niet in jouw script past.
3. De verkramping die het goede blokkeert
Het sleutelwoord hier is verkramping. Eigenzinnigheid en weerstand kosten enorm veel energie. Het is een psychologische en spirituele kramp. Liefde, waarheid en eenheid (de 'goddelijke aspecten') hebben een open, ontspannen en ontvankelijke staat van zijn nodig om te kunnen stromen. Zolang jij je schrap zet, de controle probeert te houden en je verzet tegen hoe de dingen nu eenmaal zijn, zit je energetisch 'op slot'. Door die verkramping belemmer je zelf de doorstroming van het goede in je leven.
Kort samengevat:
De tekst laat zien dat eigenzinnigheid geen teken van kracht is, maar een teken van wantrouwen en angst. Het is de krampachtige poging van het ego om het leven te dwingen. Zolang we eisen dat alles op onze manier moet gaan, blokkeren we de natuurlijke stroom van liefde en vreugde. De sleutel is om deze kramp los te laten en te leren vertrouwen op de grotere stroom van het leven, zelfs als dat anders loopt dan ons ego had geëist.
Trots
Trots is het tegendeel van nederigheid, niet van vernedering. Wie zich tegen nederigheid verzet moet wel vernederd worden, want de weerstand moet uiteindelijk altijd tot een breekpunt komen. De weigering waarheid te laten zien en dat wat bestaat te erkennen, is te wijten aan trots en deze trots veroorzaakt weerstand, evenzeer als hij er een gevolg van is.
Deze passage raakt een heel diep en vaak onbegrepen mechanisme van het menselijk ego: onze angst om onszelf eerlijk onder ogen te zien. Om dit duidelijk uit te leggen, kunnen we de tekst in drie hoofdkernen opbreken:Â
1. Het verschil tussen nederigheid en vernedering
Vanuit het perspectief van het ego (of het 'lagere zelf') voelt nederig zijn vaak als een bedreiging. Het ego verwart nederigheid namelijk met vernedering (het gevoel dat je wordt neergehaald, minder waard bent of verliest). Maar de tekst stelt heel helder: trots is de tegenhanger van nederigheid, niet van vernedering. Echte nederigheid betekent simpelweg dat je de waarheid over jezelf accepteertâinclusief je tekortkomingen, je kwetsbaarheden en je foutenâzonder jezelf groter of kleiner te maken dan je bent.
2. Waarom verzet leidt tot een breekpunt (en dus vernedering)
Omdat we zo bang zijn voor die vermeende vernedering, bouwen we een muur van trots op. We weigeren toe te geven dat we ongelijk hebben, we verbergen onze zwakheden en houden krampachtig vast aan een perfecter beeld van onszelf (ons Masker).
Echter, de werkelijkheid is altijd sterker dan een illusie. Als je je blijft verzetten tegen de realiteit (nederigheid), bouwt die interne druk zich op. Uiteindelijk forceert het leven altijd een breekpunt. Je masker valt, de waarheid komt uit, of je loopt keihard vast. Omdat dit breekpunt dan geforceerd en onvrijwillig is, ervaar je dat moment als een diepe, pijnlijke vernedering. Had je uit eigen vrije wil voor de waarheid gekozen (nederigheid), dan was die vernedering je bespaard gebleven.
3. De vicieuze cirkel van weigering en weerstand
De tekst eindigt met de constatering van een vicieuze cirkel. Je weigert de waarheid over jezelf te zien uit trots. Om die waarheid buiten de deur te houden, moet je psychologische weerstand opbouwen (ontkenning, verdedigingsmechanismen, de schuld aan anderen geven). Maar hoe meer je je verdedigt, hoe trotser en koppiger je moet worden om die muur overeind te houden. Trots veroorzaakt weerstand, en weerstand voedt de trots.
Kort samengevat:
De tekst waarschuwt ons dat zolang we vanuit trots weigeren onze ware aard (met al zijn imperfecties) nederig te accepteren, we onszelf onvermijdelijk op weg helpen naar een harde en pijnlijke botsing met de werkelijkheid. Echte nederigheid is geen zwakte of vernedering, maar juist de moedige bereidheid om in de spiegel te kijken en te zeggen: "Dit is wat er nu in mij leeft, ook al is het niet mooi."
Angst
Weerstand tegen waarheid komt voort uit angst dat de waarheid wel eens schadelijk kan zijn (als je denkt dat je het universum wantrouwt) en weerstand tegen de waarheid moet die angst in zich bevatten. Verbergen wordt steeds moeilijker en laten zien steeds bedreigender. Vrees voor waarheid - en daarom weerstand - ontkent het weldadige karakter van het universum, negeert de waarheid van het zelf met al zijn gedachten, gevoelens en bedoelingen. Deze zelfontkenning - gevolg van weerstand - is kwaad en schept kwaad.
Deze passage gaat heel diep in op de psychologische wortels van wat het Padwerk beschouwt als 'kwaad'. Het legt een direct verband tussen onze persoonlijke angsten en het ontstaan van destructieve energie.
We kunnen deze tekst in drie stappen ontleden om de betekenis helder te krijgen:
1. De bron van weerstand: Wantrouwen in het leven
Waarom verzetten we ons tegen de waarheid over onszelf (zoals onze fouten, onze donkere gevoelens of onze verborgen motieven)? De tekst zegt: uit angst. We zijn bang dat de waarheid ons zal schaden of vernietigen. Maar deze angst onthult een veel dieper probleem: een fundamenteel wantrouwen in het leven of het 'universum'. Als je er diep van binnen op zou vertrouwen dat het universum in wezen goed, veilig en ondersteunend is (weldadig), dan zou je niet zo bang zijn om je eigen imperfecties onder ogen te zien. Je zou weten dat de waarheid je uiteindelijk zal bevrijden, niet vernietigen.
2. De psychologische valstrik: Verbergen vs. Laten zien
Zolang je de waarheid uit angst uit de weg gaat, kom je klem te zitten in een slopende dynamiek. Aan de ene kant wordt het verbergen van wie je werkelijk bent steeds moeilijker en vermoeiender. Het kost enorm veel energie om constant een masker op te houden. Aan de andere kant wordt het laten zien van je ware zelf (inclusief al je 'lelijke' kanten) steeds bedreigender, omdat de leugen waarin je leeft steeds groter is geworden. Je zit muurvast in je eigen verdedigingsmechanismen.
3. Zelfontkenning als de schepper van het 'kwaad'
Hier komt de kern van de Padwerk-visie op het kwaad heel duidelijk naar voren. Het kwaad is in deze context geen duivels figuurtje buiten jezelf, maar een interne staat van vervreemding en afsplitsing.
Wanneer je je eigen waarheid weigert te voelen en te erkennen (je echte gedachten, je jaloezie, je wrok, je ware bedoelingen), dan ontken je jezelf. Je snijdt jezelf af van de realiteit. Deze staat van onwaarheid en zelfontkenning verstoort je levensenergie. Het haalt je uit de liefde en de verbinding. De tekst stelt heel scherp: déze weigering om in de waarheid te leven, gebaseerd op angst en wantrouwen, is precies wat destructiviteit ('kwaad') in de wereld brengt en in stand houdt.
Samenvattend:
De tekst vertelt ons dat zolang we bang zijn voor de waarheid over onszelf, we in feite geloven dat het leven onveilig is. Door krampachtig onze echte gevoelens en gedachten te ontkennen, creëren we een innerlijke blokkade. Het is deze verkrampte ontkenning van wat er werkelijk in ons leeft (zelfontkenning) die leidt tot lijden, destructief gedrag en dus tot wat we 'kwaad' noemen. De weg naar het licht en het goede begint dus simpelweg met de moed om onszelf de absolute waarheid te vertellen, zonder angst.
Samenvatting
Als je je gevoelens en je verborgen gedachten en intenties wilt ontlopen, creĂ«er je weerstand. Weerstand is op een of andere manier altijd verbonden met: âik wil geen pijn gedaan wordenâ, of die pijn nu echt of denkbeeldig is. Of die pijn nu veroorzaakt wordt door eigenzinnigheid die zegt: âik wil geen pijn!â of door trots die zegt: ânooit geef ik toe dat mij pijn gedaan kan wordenâ, of door angst die zegt âals ik pijn moet lijden ga ik doodâ Het zijn allemaal uitdrukkingen van wantrouwen in het universum.
Deze passage legt de anatomie van onze psychologische "weerstand" prachtig bloot. Het beantwoordt de kernvraag: waarom vluchten we eigenlijk zo krampachtig voor onze ware gevoelens en verborgen gedachten?
Het antwoord is in de basis heel simpel: we willen koste wat kost pijn vermijden. Om onszelf te beschermen tegen (echte of ingebeelde) pijn, bouwen we een innerlijke muur op. Die muur is de weerstand.
De tekst laat heel mooi zien hoe deze vlucht voor pijn zich uit in de drie klassieke verdedigingsmechanismen van het ego (in het Padwerk vaak de aspecten van het lagere zelf genoemd):
Eigenzinnigheid (De dwingende kant): Dit deel van ons probeert de werkelijkheid te forceren. Het stampt als een boos kind op de grond en eist van het leven: "Ik wil geen pijn! Het mag niet gebeuren, ik sta het niet toe!"
Trots (De onkwetsbare kant): Dit deel schaamt zich voor kwetsbaarheid. Het zet een masker van koelheid of onverschilligheid op en zegt: "Ik zal nooit aan de buitenwereld toegeven dat iemand of iets mij kan raken. Dat maakt me zwak."
Angst (De paniekerige kant): Dit deel maakt de situatie existentieel en catastrofaal. Het raakt in paniek bij het idee van pijn en gelooft: "Als ik deze pijn of dit verdriet écht ga voelen, overleef ik het niet. Dan ga ik eraan onderdoor."
De absolute kern: Wantrouwen in het universum
De tekst trekt de conclusie dat al deze reacties â hoe verschillend ze ook lijken â uit exact dezelfde bron komen: een fundamenteel wantrouwen in het leven (het universum of God).
Als je diep van binnen zou geloven dat het universum veilig en weldadig is, zou je weten dat pijn (zoals verdriet, teleurstelling of het inzien van je eigen fouten) je niet zal vernietigen. Je zou weten dat pijn een tijdelijke ervaring is waar je doorheen kunt groeien. Maar omdat we het leven wantrouwen, zien we pijn als een dodelijke vijand die we buiten de deur moeten houden.
Samenvattend:
Zolang je gelooft dat pijn je einde betekent (angst), dat kwetsbaarheid zwak is (trots), of dat jij kunt dicteren dat het leven pijnloos moet zijn (eigenzinnigheid), zul je weerstand creëren. Je ontloopt je eigen binnenwereld omdat je het leven simpelweg niet vertrouwt. De weg naar vrijheid is dan ook niet het uitbannen van pijn, maar het herstellen van je basisvertrouwen, zodat je alles wat in jou leeft weer durft te voelen.
Besluit
In werkelijkheid gaat pijn over, want het is geen uiteindelijke toestand, evenmin als kwaad. Hoe meer pijn in zijn volle intensiteit ervaren wordt, hoe sneller hij zich oplost in zijn oorspronkelijke componenten: stromende, bewegende energie die vreugde en geluk schept. Dus of weerstand nu voortkomt uit eigenzinnigheid, uit trots of uit angst en of het nu onwetendheid is en ontkenning van wat is, het doet er niet toe. Weestand belemmert God, het goede, de stroom van leven.Â
Weerstand bieden aan het kwaad betekent dat je het kwaad in je niet onder ogen ziet en niet accepteert. Deze weerstand schept een enorme opeenhoping van energie, die tenslotte tot een soort explosie komt.
Deze passage legt een heel paradoxaal mechanisme uit: door tegen onze donkere kanten te vechten, maken we ze juist gevaarlijker. Het is een psychologische invulling van de bekende uitspraak "Weersta het kwaad niet".
We kunnen dit fragment in twee belangrijke stappen begrijpen:
1. Wat betekent 'weerstand bieden aan het kwaad'?
In het Padwerk gaat 'het kwaad' meestal niet over grote, demonische krachten buiten jezelf, maar over je eigen 'lagere zelf'âjouw jaloezie, je wrok, je stiekeme haat, je verlangen om anderen te kwetsen of je negatieve intentie.
'Weerstand bieden' betekent hier simpelweg: ontkenning. Je weigert te accepteren dat deze lelijke gevoelens in jou bestaan. Je stopt ze diep weg, veroordeelt ze en zegt tegen jezelf: "Zo ben ik niet." Je verzet je ertegen in plaats van ze eerlijk en neutraal in jezelf te observeren.
2. Het hogedrukpan-effect en de explosie
De tekst stelt dat gedachten en gevoelens niets anders zijn dan energie. Als je een boze of hatelijke gedachte hebt, is dat een stroompje energie. Wat gebeurt er als je die energie niet toelaat, maar onderdrukt en ontkent? Die energie verdwijnt niet, maar hoopt zich op.
Je psyche wordt als een psychologische hogedrukpan. Hoe meer wrok of angst je wegdrukt, hoe hoger de druk oploopt. Je hebt voortdurend energie nodig om de deksel erop te houden. Omdat energie altijd een uitweg zoekt, leidt deze opeenhoping onvermijdelijk tot een 'explosie'.
Dit kan zich op allerlei manieren uiten:
Een onverwachte, extreme woede-uitbarsting waarbij je dingen zegt die je eigenlijk niet wilde zeggen.
Een plotselinge zenuwinzinking, depressie of burn-out omdat het je te veel energie kostte om alles te onderdrukken.
Vormen van zelfsabotage of destructief gedrag die ogenschijnlijk uit het niets komen.
Kort samengevat:
De tekst waarschuwt ons dat het onderdrukken of bestrijden van je eigen negatieve kanten (het 'kwaad' in jezelf) nooit werkt. Het maakt de destructieve energie alleen maar groter en onbeheersbaar. De enige veilige manier om de angel uit je negativiteit te halen, is door de deksel van de pan te halen: kijk er eerlijk en zonder oordeel naar, accepteer dat het op dit moment deel van je uitmaakt, en laat de opgekropte spanning veilig wegebben voordat het de kans krijgt om te ontploffen.
Infographic of schema
